Welke afspraken staan in het regeerakkoord van Rutte III op het gebied van toetsen, examineren en certificeren? 
Toetswijzer zet de belangrijkste punten op een rij per onderwijssector.


Lees hier de volledige tekst van het regeerakkoord (voor de paragraaf over Onderwijs en Onderzoek zie p. 9-13).


Primair onderwijs

  • Geen afname van kleutertoetsen binnen leerlingvolgsysteem: ‘Binnen het leerlingvolgsysteem zullen er gedurende de kleuterperiode geen toetsen worden afgenomen.’

  • Vervroeging van de eindtoets en/of uitstel van het eindadvies: ‘Het kabinet gaat in overleg met het onderwijsveld met als inzet de eindtoets in het primair onderwijs te vervroegen en/of het eindadvies later uit te brengen. Daarmee komt, voorafgaand aan het eindadvies, alle informatie beschikbaar. Uitgangspunt blijft dat de leraar zijn professionele autonomie behoudt, maar op basis van meer informatie tot een oordeel kan komen.'


Voortgezet onderwijs

  • Geen verplichte afname Diagnostische Tussentijdse Toets: ‘De wettelijke basis voor het verplicht afnemen van een Diagnostische Tussentijdse Toets in het voortgezet onderwijs zal worden geschrapt.’ 

  • Mogelijkheden voor meer geleidelijke overgang po-vo: ‘Sommige kinderen zijn gebaat bij een meer geleidelijke overgang van het basisonderwijs naar het voortgezet onderwijs. De 10-14-scholen, een samenwerkingsvorm tussen basisscholen en scholen voor voortgezet onderwijs, voorzien in zo'n behoefte. Voor dergelijke vormen van samenwerking komt meer experimentele ruimte.’ 

  • Rekentoets niet langer verplicht; invoering alternatief uiterlijk 2019-2020: ‘In het voortgezet onderwijs komt een alternatief voor de rekentoets. Dit alternatief treedt uiterlijk in het schooljaar 2019-2020 in werking en wordt daarmee voor alle leerlingen op alle niveaus een geïntegreerd onderdeel van het examen. In de tussentijd telt de rekentoets niet langer mee in het voortgezet onderwijs. Wel wordt deze afgenomen in het voortgezet onderwijs en middelbaar beroepsonderwijs tot het alternatief er is. Rekenonderwijs in het mbo wordt beroepsgericht zodra het alternatief voor de rekentoets in het vmbo is ingevoerd.’

  • Meer mogelijkheden om vakken op hoger niveau of verschillende niveaus af te ronden: 'Scholen krijgen meer ruimte om leerlingen meerdere vakken op een hoger niveau af te laten ronden. Hiermee kunnen leerlingen toegang krijgen tot specifieke vervolgopleidingen, mits zij voldoen aan de selectiecriteria van desbetreffende vervolgopleidingen. Het kabinet zal de gevolgen voor het civiel effect en mogelijk strategisch gedrag monitoren. Daarnaast start het kabinet een onderzoek naar de voor- en nadelen van een brede invoering van diploma’s met vakken op verschillende niveaus in combinatie met invoering van een brede selectie aan de poort bij vervolgopleidingen.’ 

  • Diploma-supplement voor maatschappelijke dienstplicht: ‘Om jongeren in staat te stellen een bijdrage te leveren aan onze samenleving wordt de mogelijkheid van een maatschappelijke diensttijd ingevoerd (van maximaal 6 maanden). […] Het vervullen van de maatschappelijke dienst geeft een diplomasupplement als getuigschrift van maatschappelijke betrokkenheid. Bij een sollicitatie naar een functie bij de overheid geldt het diplomasupplement als een pré. Met het bedrijfsleven worden afspraken gemaakt om hetzelfde te doen.’ 


(Middelbaar) beroepsonderwijs

  • Betere overgangen binnen de beroepskolom en diplomering op niveau 1/2 binnen vmbo: 'Het kabinet wil het succes van beroepsopgeleide jongeren vergroten door afspraken te maken om de overgang van VMBO naar MBO en van MBO naar HBO te verbeteren en om de mogelijkheid voor leerlingen te scheppen om niveau 1 of 2 binnen het VMBO af te ronden.’

  • Mogelijkheid tot het uitreiken van vakcertificaten voor mbo-instellingen: ‘MBO-instellingen krijgen de mogelijkheid om aan studenten die aan een entree- of niveau 2-opleiding niet hun diploma halen, een vakcertificaat uit te reiken dat laat zien wat een student heeft geleerd. Studenten die een vakcertificaat hebben ontvangen, moeten op een later moment de gelegenheid hebben om alsnog een diploma te behalen. Instellingen dienen diplomagericht onderwijs te blijven verzorgen en ontvangen voor het uitreiken van een vakcertificaat daarom geen diplomabekostiging. Na vier jaar vindt een evaluatie plaats en wordt over voortzetting besloten.’ 

  • Maatregelen om werking kwalificatiedossiers te verbeteren: ‘Het kabinet onderzoekt samen met het onderwijs hoe de huidige beperkende werking van de kwalificatiedossiers voor innovatie en regionale invulling van het onderwijsprogramma van mbo-opleidingen verbeterd kan worden en de lastendruk verminderd. Hierbij wordt ook de mogelijkheid onderzocht van een vorm van opleidingsaccreditatie.’ 


Hoger onderwijs

  • Verbeteren van de selectieprocedures voor de masterfase: ‘Naast de legitieme redenen voor selectie, zijn er ook zorgen over de gevolgen voor de toegankelijkheid van de masterfase in het hoger onderwijs. Het kabinet neemt deze zorgen serieus. De mogelijkheid voor selectie blijft bestaan, maar voor de toegang tot de masterfase wordt er een kader ontwikkeld, met inachtneming van het werk van de taskforce 'toelating master'. Hierin worden in ieder geval twee zaken beter verankerd: de methodes voor selectie moeten transparant en eerlijk zijn en de toegankelijkheid van de masterfase moet gewaarborgd zijn, met als vertrekpunt dat tenminste iedere afgestudeerde bachelorstudent het recht krijgt door te stromen naar minstens één masteropleiding binnen het eigen vakgebied.’ 

  • Betere onderbouwing numerus fixus voor bacheloropleidingen: ‘Het instellen van een numerus fixus voor een bacheloropleiding vanwege beperkte onderwijscapaciteit moet adequaat onderbouwd worden. Zo niet, dan kan de minister het besluit blokkeren.’